Uitkomsten Europese Raad inzake Brexit

De Europese Raad heeft tijdens de buitengewone bijeenkomst van de Europese Raad (Artikel.50) op 10 april 2019 besloten om een extra verlenging van de termijn bedoeld in artikel 50, lid 3, VEU goed te keuren. De Europese Raad stemt in met een verlenging die het mogelijk moet maken het terugtrekkingsakkoord te ratificeren met uiterste datum vastgesteld op 31 oktober 2019. Tevens is het Verenigd Koninkrijk als EU-lidstaat verplicht zolang het terugtrekkingsakkoord niet uiterlijk op 22 mei geratificeerd is, om de verkiezingen voor het Europees Parlement te houden. Indien het Verenigd Koninkrijk zich niet houdt aan die verplichting, zal de terugtrekking per 1 juni 2019 in werking treden.

De Europese Raad benadrukt ten eerste het belang dat het normale functioneren van de Europese Unie en dat haar instellingen niet mogen worden ondermijnd door de verlenging. Ten tweede dat het uitstel niet bedoeld is om de onderhandelingen over de toekomstige betrekkingen te openen. Bij wijziging van het standpunt van het Verenigd Koninkrijk is de Europese Raad bereid de politieke verklaring over de toekomstige betrekking te bezien in overeenstemming met de in zijn richtsnoeren en verklaringen vervatte standpunten en beginselen, mede wat betreft de territoriale werkingssfeer van de toekomstige betrekkingen.

Deze Europese Raad werd op woensdag 10 april voorbereid middels een plenair debat waarbij minister van Buitenlandse Zaken Blok het kabinet vertegenwoordigde. Premier Rutte was al voor voorbesprekingen van de Europese Raad afgereisd naar Brussel.