Verzamelwet Brexit plenair behandeld

Op 16 november 2018 heeft de regering het wetsvoorstel:  Wijziging van enige wetten en het treffen van voorzieningen in verband met de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie (hierna: Verzamelwet Brexit) ingediend.

De woordvoerders hebben in een rondetafelgesprek op 5 december 2018 kennis kunnen ophalen over de Verzamelwet. Springende punten die naar voren kwamen in het wetsvoorstel zijn de machtigingsbepaling (Artikel X van de Verzamelwet Brexit) en de terugwerkende kracht-bepaling van de wet (Artikel XI van de Verzamelwet Brexit). Met de machtigingsbepaling kan via een ministeriële regeling, zonder consultatie van het parlement en Raad van State en zonder goedkeuring van de ministerraad, met terugwerkende kracht een wet worden ingevoerd die afwijkt van een hogere regel. De argumentatie van de regering is dat zij snel wil kunnen inspelen op onvoorziene omstandigheden om op die manier de gevolgen van een no-deal brexit op te vangen.  

Op 14 december 2018 heeft de commissie Europese Zaken inbreng geleverd voor het verslag van het wetsvoorstel. Op 7 januari 2019 is een nota naar aanleiding van het verslag ontvangen alsmede een nota van wijziging (Kamerstuk 35 084, nrs. 9-10). In de nota van wijziging is een voorhangprocedure ingevoegd met een notificatietermijn van twee weken.

Op de procedurevergadering 17 januari 2019 is door de commissie Europese Zaken besloten dat het wetsvoorstel gereed is voor plenaire behandeling. Dit plenaire debat staat gepland op donderdagmiddag 24 januari.

24/01: Plenair debat over de Verzamelwet Brexit